Spleen II: Ik wou dat ik een Bontje was


Remko Koplamp is een dichter uit Spijkenisse. Hij schrijft light verse. Het onderstaande ontdekte ik enige tijd geleden op zijn weblog:

Ik wou dat ik een Bontje was
En stopte met het schrijven van rondelen
Nooit meer geploeter of gezwoeg
In weinig woorden alles met u delen
 

Drie regels, dat is net genoeg
De rest gaat mij zo zoetjesaan vervelen
Ik wou dat ik een Bontje was
En stopte met het schrijven van rondelen
 

Het rijm gaat voortaan aan het gas
Een echo hoor je mij niet langer kwelen
Geen dwingend schema voor de boeg
Het metrum mag je rustig van me stelen

Ik wou dat ik een Bontje was
En stopte met het schrijven van rondelen

Vrijheidsbos Brielle


In 2005 is in Brielle het Vrijheidsbos aangelegd als blijvende waarschuwing tegen oorlog en dito herinnering aan de noodzaak om te blijven ijveren voor vrede en vrijheid.

In datzelfde jaar is een groot aantal gedichten op maquettes geplaatst, van schoolkinderen en volwassen dichters uit de regio en omstreken.

Een van de gedichten is van Pim, toen leerling in Groep 7 van basisschool de Tiende Penning in Vierpolders:

Het leven is kort
dus moet je er wat mee doen.
Sommigen zijn rijk,
sommigen zijn arm.
Vrijheid is voor rijk en arm.

Ik vind dit gedicht heel mooi: deze jonge scholier zag al heel goed dat er zowel arm als rijk is, maar óók – en dat is in die zin bijzonder dat lang niet iedere volwassene dat beseft – dat ongeacht status of inkomen iedereen recht heeft op vrijheid.

Ook een gedicht van de Tsjechisch-Nederlandse dichteres Jana Beranová staat in dit bos:

Als niemand luistert
naar niemand
vallen er doden
in plaats van woorden.

Dit gedicht is de campagnetekst van Amnesty International Nederland geworden.

Ook van mij staat er een gedicht: het is een bontje/senryu:


"Vrede" zei het kind
"Vrede" zei de generaal,
maar het klonk anders.

Lees verder “Vrijheidsbos Brielle”

Bij de dood van Bernlef


Bernlef is niet meer.
Ik voel een soort van gemis
of hersenschimmen

Deze bontje (haiku) kwam ineens op en daalt nu met Bernlef neer in de peilloze diepte van het woordloze zijn…

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geschreven eind oktober 2012, Jan Bontje

bontje/haiku over het krentenboompje


Jaren geleden schreef ik mijn allereerste haiku. Deze werden door zelfbenoemde haiku kenners tot de grond afgebrand: dat zijn geen haiku! Vooral de onderstaande haiku moest het ontgelden…

In plaats van te stoppen met het schrijven van haiku ben ik juist, koppig als ik kan zijn, ermee doorgegaan en heb inmiddels vele honderden haiku geschreven en overal en nergens gepubliceerd.

Het Weekblad De Botlek, waarin ik een aantal jaren mijn haiku wekelijks mocht publiceren – Weekblad de Botlek (editie Spijkenisse, Brielle en Bernisse van 1997-1999 en opnieuw vanaf 15 juli 2004 t/m 28 december 2005 wekelijks de rubriek Hoekstem) -noemde ze ‘bontjes‘ (‘haiku van Bontje’) en die naam ben ik blijven gebruiken.

Vanmorgen ervoer ik weer dezelfde emotie toen ik naar buiten keek, ons kleine tuintje in en de herfstverkleuring zag. Daarom hier een van mijn allereerste haiku, bontje dus, met een foto die ik meteen nam als illustratie bij deze bontje:

krentenboompje rood
lente slechts herinnering
zomer alweer dood

 

Het Canadese krentenboompje (Amalanchier canadensis) in ons tuintje

haiku over Steve Biko


Steve Biko stierf op 13 september 1977 door moordenaarshanden in Zuid-Afrika tijdens de Apartheid.

Twintig jaar na zijn dood schreef ik een bontje (haiku) die nog steeds opgeld doet:

zoveel jaar later
pijn en bewondering
als ik aan je denk

Jan Bontje 1997