LEO POLAK


de vrije denker had stelselmatig geleerd
dat vrijheid één, ondeelbaar, is
dat werd dus de gevangenis:
het Herrenvolk vond denken sowieso verkeerd

zij moesten hem dus heel snel kwijt
[en met hem velen: zes miljoen]
dat wilden zij deutschgründlich doen
de braven gaven hen de tijd
en gretig de gelegenheid

slaaf gemaakt sloofde hij hard
en hield zich schrijvend wat apart

hij leerde ons standvastigheid
wij staan dus bij hem in het krijt

hij is voor velen een icoon
een ware vrijheidszoon
vasthoudend tegen dictatuur
een drager van het vrijheidsvuur

Jan woordenaar Bontje, 4 juli 2020

Leo Polak-001

Leo Polak (1880-1941) was een rechtsfilosoof, vrijdenker en humanist van joodse afkomst. Hij stond in hoog aanzien. Onverdroten getuigde hij in woord en geschrift van zijn wetenschappelijke en menselijke drang naar vrijheid, redelijkheid, solidariteit, vredelievendheid, humaniteit, verbinding, i.p.v. geloofswaan, rassenwaan en fascisme. Hij was hoogleraar in Groningen toen de nazibarbaren ons land binnenvielen (10 mei 1940). In een protestbrief n.a.v. zijn schorsing als hoogleraar omdat hij joods was, noemde hij de nazi’s ‘de vijand’. De pro-Duitse rector Kapteyn speelde dit door naar de bezetter en Polak werd gearresteerd. Hij stierf op 9 december 1941 in het concentratiekamp Sachsenhausen.

Mata Hari


De meest begeerde vrouw van jouw tijd

Was jij, Margaretha Zelle.

Verstrikt in hun spel. En ze wilden je kwijt.

Daarom wil ik het nogmaals vertellen:

.

vals werd je gebruikt door de Duitsers en Fransen

in hun oorlog van 14-18.

Je verstond de kunst als geen ander, te sjansen;

aan elke vinger makkelijk tien.

.

Je bleek heel eenvoudig te vangen

want je kwam in de hoogste kringen.

Barbertje moet nu eenmaal hangen

en je verraders wilden wel zingen.

.

De legertop was als altijd laf;

de doodstraf was snel bevolen.

Twaalf schoten stuurden je naar je graf.

Zelfs je hoofd werd nog gestolen.

.

© Jan woordenaar Bontje 27 mei 2020

Griet (Margaretha Geertruida) Zelle, in 1876 geboren in Leeuwarden, was een exotisch danseres. Ze werd door de Franse legertop beschuldigd van spionage voor de Duitsers tijdens de Eerste Wereldoorlog. Op 15 oktober 1917 werd ze door een vuurpeloton van 12 man oorlogsvee geëxecuteerd. Ze werd in een naamloos graf gelegd. Haar hoofd werd eerst nog afgehakt en, volgens de gewoonte, overhandigd aan de autoriteiten. Later bleek haar hoofd gestolen.

Voor een uitgebreide levensbeschrijving zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Mata_Hari of, nog beter, lees het boek “De spion – Mata Hari. Haar enige fout was dat ze een vrije en onafhankelijke vrouw was.” van Paolo Coelho, in Nederlandse vertaling verschenen bij Uitg. De Arbeiderspers, Amsterdam, 2016. ISBN 9 788889029 511346.

Mata Hari

Jan Campert


Jan Bontje
Vandaag (21 januari 2019) is het precies 75 jaar geleden dat journalist, dichter, schrijver en verzetsman Jan Campert in KZ Neuengamme overleed, of juister: door de naziploerten is vermoord. (21 januari 1943)

Jan Campert is bij de meesten vooral bekend van het gedicht “De achttien dooden“, dat hij schreef naar aanleiding van de moord (executie) op 18 antifascisten: 15 verzetslieden van de Geuzengroep en 3 communistische Februaristakers, op 13 maart 1941.
Met dit gedicht is hij geworden wat hij als verzetsstrijder wilde:
Stem te zijn, en anders niet.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Campert heeft rond de 20 joden naar België helpen ontsnappen. Op 21 juli 1942 werd hij met zijn helper, de Bredase journalist Martien Nijkamp, vlak over de grens bij Baarle-Nassau, gearresteerd toen hij de 21-jarige jood Frans van Raalte naar België probeerde te smokkelen.
Uiteindelijk kwam Campert in november 1942 in het Duitse concentratiekamp (KZ) Neuengamme terecht. Volgens de officiële verklaring in zijn medische dossier is hij op 40-jarige leeftijd aldaar aan borstvliesontsteking overleden. Alsof de gruwelijke mishandeling die hij (en alle andere vermoorde gevangenen) niet door toedoen van die nazimoordenaars om het leven zijn gekomen…

Kunstwerk
60 Jaar na zijn arrestatie, in 2002, werd in Spijkenisse aan de Jan Campertkade een kunstwerk geplaatst ter herinnering aan deze grote zoon van Spijkenisse.
Het gedenkteken werd vervaardigd door de in Suriname geboren beeldhouwster Helen Ferdinand uit Spijkenisse. De enige zoon van Jan Campert, de bekende dichter en schrijver Remco Campert, onthulde het monument.

School
In Spijkenisse is een basisschool naar hem genoemd: de obs Jan Campert.

Gedicht
Het gedicht waar boven naar verwezen wordt, luidt (gedeelte?)

Stem te zijn en anders niet,
maar zo meeslepend te zingen,
dat elk hart het wonder ziet
achter mensen, achter dingen

Jan Campert (1902-1943)

Dit gedicht is eind 2018 (75 jaar na zijn arrestatie door de nazimoordenaars) in zwarte steen gebeiteld en geplaatst langs de Oude Maas in Spijkenisse. Mirjam Salet, die dat jaar aftrad als burgemeester van Nissewaard omdat zij met pensioen ging, heeft dit gedicht in steen geschonken aan de inwoners van Nissewaard (net als een gedicht van Augusta Peaux, dat is geplaatst tegen de muur van het Witte kerkje van Simonshaven)

Brief aan Erasmus


Geachte heer Desiderius Erasmus,

Mensen die u zeer waarderen hebben ook mij gevraagd een brief aan u te schrijven. Ik voel mij daarmee zeer vereerd en stel me voor hoe u deze, mijn, brief, zoudt lezen. De eeuwen die volgden na uw ontslapen, hebben de Nederlandse taal immers diepgaand veranderd. Gemakshalve ga ik er echter vanuit dat u in staat zoudt zijn die eeuwen ook taalkundig te overbruggen.

Het begrip overbruggen brengt mij terstond tot de kern van mijn schrijven. Uw gedachtegoed, dat nog springlevend is, overbrugt niet alleen eeuwen, maar ook mensen en hun zo verschillende opvattingen. Uw ideeën slaan een brug tussen tegenstanders, vijanden zelfs. Uw vermogen bruggen te slaan tussen mensen én uw vermaarde, niet aflatende, scherpe kritiek op verkeerde opvattingen en antihumane ideeën, vormen een twee-eenheid waar wij, 21ste-eeuwse humanisten en vrijdenkers, jaloers op zijn.

Mocht u in staat worden gesteld een blik te werpen in onze huidige tijd en op onze tegenwoordige dwaasheden, onze eigentijdse eigenaardigheden en onze 21ste-eeuwse manier van samenleven, maar ook oorlogvoeren, voorwaar ik zeg u, mijn waarde Erasmus, het zou u doen schrikken. De mensheid heeft weliswaar een lange weg afgelegd sinds de 16de eeuw, en geniet heden ten dage van schier oneindig veel verworvenheden (waarvan de afname van de macht van totalitaire godsdienstopvattingen zeker niet de minste is, al beseffen velen dat niet), maar is tezelfdertijd in staat gebleken de meest gruwelijke middelen en methoden uit te vinden, en – uiteraard! – toe te passen, om elkaar het leven zuur of zelfs onmogelijk te maken. Na van de schrik bekomen te zijn zoudt u echter met enige vreugde kunnen constateren dat uw naam nog steeds bekend is en dat uw ideeën en opvattingen, zij het aangepast aan de eisen van onze tijd, opgeld doen en in allerlei vormen toegepast worden.

Het humanisme heeft een ontwikkeling doorgemaakt die u waarschijnlijk niet op die manier verwacht had. Men vindt humanisten tegenwoordig vaker buiten dan in de kerk, al moet gezegd worden dat de godsdienst althans in Europa een ‘humanisering’ en soms zelfs ‘secularisering’ heeft doorgemaakt die onze ouders en grootouders niet voor mogelijk hielden. Ook het denken in termen van geweldloosheid, het door sommige regeringen zelfs afzien van oorlog, het bij tijd en wijle zeer massale protest tegen oorlogen en oorlogsvoorbereiding, zou u waarschijnlijk verbazen. De mensheid heeft – na eerst twee oorlogen te hebben gevoerd die zij vanwege de omvang, het aantal slachtoffers, en de desastreuze invloed ervan op de gehele wereld, Wereldoorlogen heeft genoemd – eindelijk naast de bereidheid en het vermogen tot oorlogvoeren, óók de wil, de kunst en de kunde van het voorbereiden van vrede leren kennen. In uw tijd was het nog ondenkbaar dat er een organisatie als de Verenigde Naties zou bestaan en dat een Universele Verklaring van de Rechten van de Mens regeringen en individuen telkenmale zou herinneren aan de noodzaak de vrede voor te bereiden, op straffe van, schrikt u niet, de totale ondergang. De mensheid immers beschikt tegenwoordig over wapens die miljoenen mensen kunnen doden en de maatschappij volledig kunnen ontwrichten. De ironie van deze ‘doodsdrift omgezet in wapentuig’ is, dat de wil om te overleven en een einde te maken aan deze dwaasheid, óók is toegenomen.

Waarde heer Erasmus, een aantal humanisten heeft een Huis van Erasmus opgericht in de hoop daarmee bij te dragen aan het uitdragen van uw gedachtegoed. Ik hoop dat deze brief ertoe bijdraagt dat u hen glimlachend uw goedkeuring geeft vanuit uw nergens-plaats, de werkelijke utopia, aan deze o zo menselijke poging er, letterlijk, het beste van te maken.

Met verschuldigde hoogachting,

Jan Bontje, humanist en vrijdenker, Spijkenisse