Gedicht: smetvrees


smetvrees

 
hij weert zich weer
grijpt virtueel
naar het geweer
om uit de weg te ruimen
van de straat te verwijderen
het onwelgevallige vreemde rare
dat onbekend
dus grimmig is
en opgeruimd moet worden
het oer-eigene
– wat dat ook wezen moge
want hij snapt er ook niets van
maar het stond nu eenmaal in zijn ochtendkrant –
moet beschermd worden
// van vreemde smetten vrij //
maar hij vergeet:
appels komen uit Voor-Azië
perziken uit Perzië al heet dat nu Iran
sinaasappels uit China
nasi uit de Gordel van Smaragd
kiwi’s uit Nieuw-Zeeland
koffie uit mokkarabië
auto’s uit Japan
olie uit Nigeria en Kuwait
computers uit China
democratie uit Hellas
windmolens uit de Halve Maan
het alfabet uit Mesopotamië
jazz, blues en hip-hop uit Amerika
de gitaar uit Noord-Afrika
zijn hangmat uit Indianenland
zijn woordenschat zit vol met vreemde klinkers
de aardappels die werden meegenomen
uit het land van Araucanië
door de Italiaanse zeevaarder Columbus
inspireerden Vincent
die uit Goch stamt in Duitsland
maar dat alles zal hem braadworst zijn
daar het hem niet om feiten gaat
maar om weldadig volksgevoel
hij wast zijn handen in onschuld
want hij wil niet besmet worden
 
 
Jan Bontje, oktober 2013

Gedicht: Prometheus


Prometheus

uit de hemel bevrijdde ik het vuur
dat de wrede goden vervuld van hebzucht
behielden voor zichzelf
ik ben Prometheus: ‘hij die vooruitdenkt’

levend werd ik verbrand in de donkere tijd
‘geloof hoop en liefde’ was hun vals devies
mijn pijnen vulden gans het al
en klinkt nog na in kunst en poëzie

ik prees Spinoza en de Koerbagh broers
toen hun licht scheen op menig donkere plek
(kerk de zwarte pest gods- en bijgeloof)
en het denken zuiverde van kwezelzucht

ik glimlachte toen Voltaire Candide schreef
de Encyclopédie de domheid aanviel
het vrije woord verspreidde en
Europa een bad nam in het licht

ik was verheugd en blij verrast
toen in 1856
De Dageraad werd opgericht die
mijn licht sindsdien verspreidt

in Multatuli gloeide ik
bemoedigde Saïdjah en Adinda
de gordel van smaragd streed
tegen koloniale macht

ik word vervolgd gehoond bespuugd
maar doven zal ik nooit
het vuur dat ik aan Zeus ontstal
is sterker dan de dood de haat de angst

Jan Bontje augustus 2013

Gedicht: boekenlegger


boekenlegger

het is stil
de straat klimt omhoog
en kust de maan
in haar laatste kwartier

luxe boekenlegger
met ijzeren randen
waarop de tijd zich stukbijt

bloedrode rozen
pusvergeelde anjers
vervaagde vergeet-mij-nietjes
kleuren de hemelbedden
blauw
van kou & weeromstuit
staren kaalgeplukte
boomstronken
naar rodeorijdende cowboys
uit Hardinxveld-Giessendam
waar samengevouwde
handen zich
niet om de lokale schietschijf
bekommeren
die meelijwekkervroeg
is opgestaan
om huiswaarts om te keren

stijve harken
die het gras…
(alang alang)
:
het heeft geen zin
(schuift de boekenlegger in de Koffieveilingen)
zegt zij
en rekent af

© Jan Bontje 2013

Gedicht: o pus 666


O pus 666

als ik opera zie ik operatie Djakarta
darmstelsel
waar Woody Guthrie
jaloers op zou zijn als hij nog darmen nodig had
maar hij ging te vroeg deze kindervriend zanger gitarist
Leadbelly belde aan en vroeg de weg naar Hamelen
waar ligt dat in Utopia
we want Thomas More Gary Moore Henry Moore Michael Moore
onder de stoeptegels ligt het strand
Tahrir Taksim Malieveld Museumplein Bevrijdingsplein
Place de la Bastille
Erdogangsters RasPoetin
metalen vogels naar Memphis
de blues de blues oh yes de blues
en Dylan en Mozart in concert
in Londen Tokyo Madrid
op het Plein
waar het volk zingt en het schip van staat zinkt
moordenaars beulen die uit de lege hoofden van de massa eten
zwarte diamanten ogen die vragen
waarom heb je ons verlaten
Rosa en Karl glimlachen naar mij
praten over de Spaanse Burgeroorlog
maar vergeet Vietnam niet en Cambodja en Bangladesh
en Congo en Chili en Argentinië en de goelag
water / zee / vocht / druppels / tranen
over de wereld gaan ze heen en weer
onophoudelijk
nooit te stoppen
panta rhei / alles beweegt / staat stil / de tijd
de klok verslapt
Dali grijnst en zegt dat hij het leuk vindt
maar hij vergeet Picasso op de hoek van de straat
met Darwin en Kropotkin
terwijl de zon brandt
en de pleinen vollopen
bazooka’s drones JSF
knallen de feestjes
telefoontjes slavernij
freedom free at last
Martin Luther King Nelson Madiba Mandela Lumumba
Herman Gorter laat een scheet
maar de censor kent zijn vak
in een gedicht begint het morgenrood
maar het lot belooft er geen
dag Anton Constandse
je maande te blijven schrijven want wie schrijft
blijft achter voor tussen om over aan in uit mee tegen
het alfabet zwijgt en wacht geduldig

© Jan Bontje juni 2013

Multatulihuis Spijkenisse bestaat 25 jaar


 Het Multatulihuis in Spijkenisse bestaat dit jaar (2013) 25 jaar. Dat is een felicitatie waard. Het werd in 1988 opgericht door de toenmalige HSHB (Humanistische Stichting Huisvesting Bejaarden) en kreeg zijn naam uit respect voor de grootste schrijver in het Nederlandse taalgebied ooit: Eduard Douwes Dekker (Amsterdam, 2 maart 1820 – Ingelheim am Rhein, Duitsland, 19 februari 1887)

Eduard Douwes Dekker werkte als bestuursambtenaar in ‘Nederlands’ Indië (het tegenwoordige Indonesië), waar hij de vele wantoestanden zag onder verantwoordelijkheid van het Nederlandse koloniale bewind. Omdat hij deze openlijk aan de kaak stelde werd hij weggewerkt.

Zijn bekendste werk is de over de hele wereld beroemde roman Max Havelaar, waarin hij op basis van zijn eigen ervaringen de mishandeling en uitbuiting van de bevolking door Nederlandse en Nederlands-Indische bestuurders aan de kaak stelde. In dit meesterlijk geschreven boek koos Douwes Dekker het pseudoniem Multatuli, Latijn voor ‘ik heb veel (leed) gedragen’ (= multa tuli).

In 2002 werd de “Max Havelaar, of de Koffiveilingen der Nederlandsche Handel-Maatschappy door Multatuli’ (zoals het boek voluit heet) door de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde uitgeroepen tot het belangrijkste Nederlandstalig letterkundige werk aller tijden. Het geldt als een van de belangrijkste werken uit de canon van de Nederlandse literatuur. Het boek werd in 1976 verfilmd en Jos Brink maakte er een musical van. Het is ook als toneelstuk opgevoerd, o.a. in het oude theater de Stoep in Spijkenisse. Het boek is ook online te lezen of als html bestand te downloaden op www.gutenberg.org. 

Ik heb minimaal 20 boeken van en over Multatuli, waaronder uiteraard een aantal uitgaven van de Max Havelaar, en een stripboek van Suske en Wiske: “De halve Havelaar” (2010).

Mijn opa noemde zich multatuliaan, wat veel oude vrijdenkers deden en soms nog doen. Ik schreef enkele jaren geleden (in 2006 en 2007) een drietal bontjes (haiku) over deze schrijver, vrijdenker en atheïst:

Multatuli
jouw koffieveilingen
leven voort

*

Multatuli
Saïdjah en Adinda
houden van je

*

Multatuli
‘ik heb veel gedragen’
droeg zijn steentje bij

Spijkenisse mag trots zijn op zijn Multatulihuis!

Verslag van de 10de LiteRAR en Muziek op 17 maart 2013


Het was een bijzondere LiteRAR en Muziek: alweer de tiende aflevering, het optreden van een bijna compleet dichterscollectief i.p.v. ‘losse’ dichters, slechts één muzikaal duo i.p.v. een aantal verschillende muzikanten zoals te doen gebruikelijk. En dan ook de voorzitter van RAR die een inleiding hield over de ledententoonstelling van RAR die hij de dag ervoor had geopend.

Na de gebruikelijke Kooserie en de opening door Jan Bontje, kwam Koos Verkerk opnieuw aan het woord. Koos Verkerk is voorzitter van Regio Art Rijnmond (RAR) en had de dag ervoor, 16 maart, bij zijn opening van de ledententoonstelling SALON, uiteengezet waarom men voor deze RAR-leden-expositie de naam SALON had gekozen. Datzelfde praatje wilde hij ook op deze LiteRAR en Muziek houden, om nog eens te benadrukken dat RAR het meer dan verdient om in een bredere publieke belangstelling te staan.

Koos Verkerk
Koos Verkerk

Wie het nog eens wil nalezen kan terecht op het betreffende artikel op deze blog

 
 
 
 
 
 
 

*

De enige, unieke, muziekgroep die deze middag voor de muzikale omlijsting zou zorgen was het duo De Troubadours bestaande uit Frans Lodewijk (zang en gitaar) en Marcus Mulder (zang). Zij brachten in drie gedeelten een keuze uit hun uitgebreide Nederlandstalig repertoire.

De Troubadorus
De Troubadours

 
 
 
 
 
 
 
 

*

Voor de pauze kwamen drie vrouwelijke dichters van Polder || Poëzie aan bod, t.w. de uit Noord-Holland afkomstige maar op Voorne-Putten wonende Lydi van Staveren, de in toen nog zgn. ‘Nederlands’ Indië geboren Lily Touwen en de Brielse Corrie van der Linden.

Lydia van Staveren
Lydia van Staveren
Lily Touwen
Lily Touwen
Corrie van der Linden
Corrie van der Linden

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

Na de pauze mocht Corrie van der Linden op verzoek van het publiek nog haar gedichtje ‘Het vogeltje’ lezen en daarna stapte de middelbare scholier Chris de Man (1996) uit Hoogvliet op het podium. Hij rapte een eigengemaakte rap over de actualiteit.

Chris de Man
Chris de Man

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

Greta Lugtmeier (voorzitster van Vereniging Polder || Poëzie Voorne-Putten) bracht o.a. een ode aan de Dikke van Dale, dichtte over de thuiszorg en las haar column “Ode aan de vriendschap’.

Greta Lugtmeier
Greta Lugtmeier

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

Hannie van der Lecq las onder meer haar gedicht “Boerenbuurt” waarin zij herinneringen ophaalde aan haar jeugd “…met vaderliefde aangelengd…”

Hannie van der Lecq
Hannie van der Lecq

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

De Troubadours traden aan voor het tweede gedeelte van hun muzikale drieluik, met het gedicht/lied “Kaarsrecht volk” over de vuurtorens, “Maskers” dat een vertaling is van een Turks gedicht en net als Kaarsrecht volk van Anneke Haasnoot door Frans Lodewijk op muziek gezet.

De Troubadours (2)
De Troubadours (2)

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

John Muller, afkomstig uit wat ooit “de West” werd genoemd, bracht odes aan het water en aan de Surinaamse vrouw. Ook las hij een aangrijpend gedicht over Moiwana, een dorp in het district Marowijne in het oosten van Suriname. (Op 29 november 1986, tijdens de Binnenlandse Oorlog tussen het Surinaamse leger o.l.v. Desi Bouterse en het Junglecommando o.l.v. Ronnie Brunswijk, vond er een slachting plaats, die bekend staat onder de naam Moiwana ’86. Daarbij kwamen ca. 50 mensen om, waaronder zwangere vrouwen en kinderen. De overlevenden vluchtten met duizenden andere bewoners van het binnenland over de rivier Marowijne naar het buurland Frans-Guyana. Het dorp raakte overwoekerd door het omringende oerwoud. In een van de Franse opvangkampen werd een monument voor de slachtoffers opgericht).

John Muller
John Muller

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

Eva Timmermans uit Vlaardingen, die naar eigen zeggen gek is op sprookjes, legendes en sagen, sloot de rij dichters met gedichten als De Dudukspeler (de duduk is een Armeense fluit; je spreekt het als djoedjoek uit, zo legde zij uit) en “Paradijswachter” over een arend die als Paradijswachter boven de groene bomen hing en “De poldersloot”.

Eva Timmermans
Eva Timmermans

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

Jan Bontje hield een praatje over de 100 jaar geleden geboren schrijver Godfried Bomans die in 1967 een bezoek blijkt te hebben gebracht aan Spijkenisse.

Jan Bontje
Jan Bontje

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

De Troubadours sloten de middag af met “De laatste liefde”, “Echte vriendschap duurt een leven lang’ en het door Jan Bontje gedichte lied “Vrede” dat door Frans Lodewijk op muziek is gezet.

Het publiek luisterde aandachtig
Het publiek luisterde aandachtig

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

*

Jan Bontje sloot de middag af.
 

Fotocollage gemaakt door Jozina Lodewijk
Fotocollage gemaakt door Jozina Lodewijk

Huis Couperus bestaat nog


Louis Couperus: 150 jaar gelden werd hij geboren; 90 jaar geleden overleed hij.

Het huis waar schrijver Louis Couperus in Indonesië in 1899 zijn beroemde antikoloniale roman ‘De stille kracht’ schreef, bestaat nog altijd. Dat ontdekten filmmaker Jan Louter en NRC-columnist Bas Heijne, terwijl ze vorige maand (februari 2013) op Oost-Java bezig waren aan een documentaire over Couperus.

De NRC van 20 maart 2013 wijdt er een artikel aan.

Het graf van Louis Couperus op Begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag (foto: ANP)
Het graf van Louis Couperus op Begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag (foto: ANP)