GESIGNALEERD: Paul Mercken: Bunnikse haiku’s & ander dichtspul


Bunnikse haiku’s & ander dichtspul
Een vliegende kraai vangt op zijn zwerftochten in de Republiek der Letteren meer dan eens bijzondere ‘prooi’. Zo kreeg ik het bundeltje “Bunnikse haiku’s & ander dichtspul” onder ogen van prof. dr. Paul Mercken (1934), historicus in de wijsbegeerte – en dichter. Mercken laat zich inspireren door taal en talen en het verschijnsel mens.

De bundel is een selectie uit zijn eigen werk – waaronder haiku, of zoals hij zelf schrijft haiku’s – alsmede tanka en vertaald werk (o.a. sonnetten). De natuur en de liefde, maar ook plaatsen die hij in zijn leven aandeed en gebeurtenissen uit dat rijke leven – zoals de moord op Theo van Gogh in 2004 – spelen in beide genres een belangrijke rol. Ik volsta echter met een willekeurige keuze:

De dikke hommel
vliegt op het tuinfestival
dwars door de jazz heen.

*

Aan ’s Gravensteens voet
staat de reiger te wachten
op zijn haiku

*

De eenzame zwaan,
treurende weduwnaar,
verlaat zijn vijver.

*

Onder de ogen
van Tintin en Lucky Luke
wassen en baden.
Achter die stroomversnelling
nog een hoofdstad, Brazzaville.

*

De vertaalde gedichten zijn heel mooi geworden. Onder anderen D.H. Lawrence (1885-1930) en Petrarca (1304-1374) vonden een welverdiend plekje. Tot mijn verrassing stond ook een door hem uit het Engels vertaald gedicht van de Canadese legerarts John McCrae (1872-1918) in de bundel: In Flanders Fields. Het begint met de volgende twee regels:

Klaprozen zwaaien in het Vlaamse veld,
Tussen kruisen die, rij aan rij gesteld,

De twee oorspronkelijke Engelse regels heb ik jaren geleden (in 2004) gebruikt als refrein in mijn lied …EN IS HEN EEUWIGHEID VERLEEND:

In Flanders’ fields the poppies blow
between the crosses, row on row

 

Paul Mercken maakte een mooie bundel; ik zou hem aanschaffen als ik u was.

Paul Mercken leest op de de 15de LiteRAR en Muziek 
(17 november 2013) uit eigen werk.

© Jan Bontje maart 2013

Paul Mercken: Bunnikse haiku’s & ander dichtspul, Soest, 2012, ISBN 9789462063549

Beelden van Tineke Nusink in Mesdag t/m 23 juni 2013


Een nog in leven zijnde kunstenaar exposeert te midden van overleden collega-kunstenaars die zij allemaal heeft gekend!

Beeldend kunstenaar Tineke Nusink uit Spijkenisse was vereerd en verrast toen zij enige tijd geleden door kunstverzamelaar Fred Klomp werd uitgenodigd om haar beelden in Panorama Mesdag te combineren met het werk van de vier overleden Haagse aquarellisten Sierk Schröder (1903-2002), Pieter van Daele, Herman Bogman (1890-1975) en Rudolf de Bruyn Ouboter. (1894-1983)

De expositie, die t/m 23 juni 2013 te bezoeken is, toont 45 meesterwerken van deze vier aquarellisten, allemaal uit het particuliere bezit van kunstverzamelaar Fred Klomp. Zoals het echtpaar Mesdag, naamgevers van het beroemde Mesdag Panorama aan de Zeestraat 65 te Den Haag, in hun museum schilderkunst tentoonstelde in combinatie met andere kunstvormen, zo combineert ook Fred Klomp schilderijen met driedimensionaal werk. Het werk van Tineke Nusink wordt getoond tegen de achtergrond van een prachtige wandbekleding met gevederde pauwen.
Directeur Marijke de Jong van het Mesdag is idolaat van de vier levensgrote bronzen schapen van Nusink. “Ze zijn zo robuust en tegelijk zo frêle. Ik ben er trots op het werk van deze kunstenares in huis te hebben.”

De tentoonstelling is dagelijks te bezoeken van 10.00 tot 17.00 uur.

Adresgegevens:

Panorama Mesdag
Zeestraat 65
2518 AA  DEN HAAG
telefoon: 070-310 66 65
e-mail    : info@panorama-mesdag.com

Tineke Nusink
Tineke Nusink

Expositie “65 jaar Cobra. Vrijheid en Vitaliteit”, Stedelijk Museum Schiedam t/m 1 september 2013


Karel Appel, Mannetje met de zon, 1947, collectie Stedelijk Museum Schiedam, foto Bob Goedewaagen, copyright Karel Appel Foundation, c.o Pictoright Amsterdam

Vrijheid en Vitaliteit

Het Stedelijk Museum Schiedam presenteert tot en met 1 september 2013 een ruime selectie uit de Schiedamse Cobra-collectie. In de tentoonstelling zijn de topstukken uit de vroege periode van Cobra opgenomen. ‘Knoeiers, kladders en verlakkers‘, met deze woorden werd de kunst van Cobra 65 jaar geleden ontvangen. De experimenten van kunstenaars als Karel Appel, Constant, Corneille, Eugène Brands, Jan Nieuwenhuijs, Anton Rooskens en Theo Wolvecamp veroorzaakten schandalen en dat was ook de bedoeling. Verschillende Nederlandse kunstenaars speelden een hoofdrol in deze beweging. Het experimentele werk werd aanvankelijk sterk verguisd, maar wordt nu door het grote publiek zeer gewaardeerd.
Cobra bestond slechts drie jaar (1948-1951), maar deze kunstbeweging wordt nu door velen beschouwd als de belangrijkste avant-garde beweging in de beeldende kunst van na 1945. Door de spontane expressie als uitgangspunt te nemen voor een geheel nieuwe, experimentele beeldtaal, belichaamt Cobra de herwonnen vrijheid van na de Tweede Wereldoorlog.

Geschiedenis

Op 16 juli 1948 werd bij Constant thuis, op de Henri Polaklaan 25 in Amsterdam, de Experimentele Groep in Holland opgericht in aanwezigheid van Karel Appel, Constant, Corneille, Jan Nieuwenhuijs, Anton Rooskens en Theo Wolvecamp. In augustus voegde ook Eugène Brands zich bij de groep. De Experimentele Groep in Holland ging later dat jaar, samen met gelijkgestemde groepen uit Denemarken en België, op in Cobra. Geliefde onderwerpen waren fantasiedieren en fantasiewezens, neergezet in felle kleuren. Enkele kunstenaars verbeeldden ook de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog. De spontane expressie van de Cobra-kunstenaars leidt tot een geheel nieuwe, experimentele beeldtaal.

Tentoonstelling

In de tentoonstelling in het Stedelijk Museum in Schiedam zijn de topstukken van Cobra uit de eigen collectie te zien en wordt het verhaal verteld over het ontstaan van Cobra. De tentoonstelling omvat ruim zeventig kunstwerken in verschillende technieken (schilderijen, gouaches, aquarellen, tekeningen, sculpturen, grafiek, keramiek), en oorspronkelijke Cobra-documenten (tijdschriften en boekjes). Voor een breed publiek, dat in Cobra is geïnteresseerd bevat de Schiedamse verzameling veel belangrijk werk.
De Schiedamse Cobra-collectie werd al in de jaren 1950 opgebouwd, toen nog maar weinig musea hedendaagse kunst verzamelden. Daarmee is de Schiedamse verzameling, samen met die van het Amsterdamse Stedelijk, de belangrijkste vroege Cobra-collectie in Nederland. Vooral de Nederlandse Cobra-kunstenaars zijn verzameld. Het museum bezit werk van alle leden van de oorspronkelijke Experimentele Groep: Karel Appel, Eugène Brands, Constant, Corneille, Jan Nieuwenhuijs, Anton Rooskens en Theo Wolvecamp. Daarnaast is er verwant werk van Lucebert, Jan Elburg en Lotti van der Gaag in de collectie opgenomen. Het Stedelijk Museum Schiedam kocht de Experimentelen uit het reguliere aankoopbudget, in de volle overtuiging daarmee een verzameling aan te leggen ‘die representatief is voor de eigentijdse kunst’, zoals conservator Daan Schwagermann het destijds formuleerde. Door schenkingen, langdurig bruiklenen en een incidentele aankoop kan het museum de collectie nog steeds versterken.

Schiedamse verzamelaars

De tentoonstelling ‘65 jaar Cobra. Vrijheid en Vitaliteit‘ laat de Schiedamse Cobra-collectie zien, die destijds onder invloed van vooraanstaande Schiedamse particuliere verzamelaars bijeen is gebracht, in het bijzonder door de drukker Goos Verweij (als bestuurslid van de Vereniging Vrienden) en de jurist Piet Sanders (lid van de museumcommissie) die destijds Schwagermann op verschillende manieren bijstonden. Zij kochten van verschillende experimentele kunstenaars met wie ze bevriend waren en zorgden voor de contacten tussen het museum en de kunstenaars, die tot tentoonstellingen en aankopen leidden. In die zin droegen ze in belangrijke mate bij aan de vroege waardering voor Cobra.
Goos Verweij en Piet Sanders hebben vele werken geschonken aan het museum. Vorig jaar (2012) nog ontving het museum een unieke en belangrijke wandsculptuur ‘Moeder en kind‘ (1951) van Karel Appel die nu een prominente plaats in de tentoonstelling heeft.
Naast de Schiedamse verzamelaars hebben in de afgelopen jaren ook andere verzamelaars uit Nederland belangrijke werken geschonken of in langdurig bruikleen gegeven.

Tentoonstelling

Stedelijk Museum Schiedam
Hoogstraat 112, 3111 HL Schiedam
Van 26 januari t/m 1 september 2013

(Afbeelding bovenaan:Karel Appel, Mannetje met de zon, 1947, waterverf, krijt op papier, 44,0 x 55,6 cm, collectie Stedelijk Museum Schiedam, foto: Bob Goedewaagen, © Karel Appel Foundation, c/o Pictoright Amsterdam)

19de MUZIEK en POËZIE bij Asher aan de Schie


Locatie: RESTAURANT CAFÉ CHANTANT ASHER
Datum en tijd: zondagmiddag 7 april 2013 - Aanvang 2 uur, 
vrij entree
 *
 OPEN PODIUM met: Ackeo Liefden en Chris de Man
 *
 POËZIE: Anneke Willemse-Meeder
 Wil Tollens
 Matthieu van Nispen
 Jan Bontje
 *
 MUZIEK
 Uw gastheer: entertainer/zanger/gitarist Asher
 het duo Niec en Anja
 het duo Ben Kiksen en Judith van der Gaag
 *
 Organisatie: Asher & Jan Bontje
 Programmering, PR en presentatie: Jan Bontje
@Asher restaurant

Pianist Cor Bakker brengt jazzalbum uit met eigen werk


Uit liefde voor de vrijheid
Jazz is de grote liefde van Cor Bakker. Nu het album ‘Elettra Due‘ van het Cor Bakker trio verschijnt, komt die liefde tot bloei. Op de cd staat door de pianist zelf geschreven werk, waarin hij zijn publiek laat kennismaken met zijn eigen losse stijl . “Bij jazz kan ik me vrijheden permitteren waar ik anders nauwelijks aan toekom. Door zelf te componeren boor ik een diepere laag in mezelf aan.”

De toetsen van zijn vleugel mogen  zwart en wit zijn, toch zijn de nuances die ertussen liggen, vaak veel interessanter, zegt muziekvirtuoos Cor Bakker. Maar hoe vind je die klankcombinaties die erachter schuil gaan? Dat vergt zoeken, verkennen en proberen. Steeds vormde tijdgebrek een struikelblok bij die zoektocht. Andere drukte eiste hem op. Hij had zijn tv-shows met Paul de Leeuw, speelde in de theaters met Karin Bloemen en Brigitte Kaandorp en er waren voortdurend concertverplichtingen. Gelukkig koesterde hij zijn aantekenboekje als ontsnapping uit het muzikale ‘cor-set’ van alledag. Een boekje als vluchtheuvel naar de vrijheid van de jazz. In verloren minuten onderweg en in kleedkamers maakte hij hierin korte krabbels zodra hem bruikbare ideeën in gedachten schoten. “Die notities waren een raamwerk in grondverf: een frame dat erom vroeg om een keer mooi afgelakt te worden.”

Tijdsdruk
Uiteindelijk vond hij in een afgelegen studioboerderij in Italië de rust voor dat lakwerk. “De afzondering en het uitzicht op de landerijen hielpen me om alles daar in volle concentratie uit te werken. Zonder telefoon en afspraken als excuus om het uit te stellen, dwong ik mezelf om aan de slag te gaan. Ik zat er als kluizenaar alleen met mijn vleugel, omringd door vellen papier.” Wat ook hielp was de tijdsdruk: bassist Clemens van der Feen en drummer Hans van Oosterhout zouden een paar dagen later arriveren om het album op te nemen. “Deze jongens hebben allebei een internationale carrière en een overvolle agenda. Dus ik moest mezelf een schop onder mijn kont geven om alles op tijd af te hebben.” Toen het moest, gebeurde het wonder ook: “Opeens begon de inspiratie te stromen en had ik binnen een paar dagen negen nummers af. Als je alle tijd hebt, is wat je maakt voor jezelf nooit goed genoeg. Maar onder druk ontstonden er prachtige composities waarin ik me meer vrijheid permitteerde dan ooit.” Kenners met een muzikaal oor herkennen de omkeringen, de draaiingen en de citaten waar Cor Bakker als componist mee tovert. “Wie er minder in thuis is, leert een verrassende andere kant van me kennen. Zo stapt iedere luisteraar op zijn eigen niveau in. Mijn grote jazzvoorbeeld Clare Fischer zei altijd heel treffend: ‘Je hoort wat je begrijpt’.”

Vonk
Op de cd staan naast negen eigen nummers ook vijf bestaande werken. Het album kreeg de naam ‘Elettra‘, wat Italiaans is voor ‘vonk’. “In die Italiaanse opnamestudio sloeg de vonk letterlijk over. Vandaar die naam.” Dat het Cor Bakker’s tweede cd in deze lijn is, verklaart de toevoeging ‘ Due’ . Ook in de omslag van het album schuilt een verwijzing: het is een knipoog naar de LP ‘First Time Out’ van Clare Fischer. Deze plaat verscheen in 1961 in een vergelijkbare vormgeving. Het beluisteren van LP zette het leven van Cor Bakker als beginnend pianist in zijn tienertijd op zijn kop. Ooit zó te kunnen spelen, was zijn droom. “Noem dit album daarom maar een poging in die richting.”

De cd wordt gedistribueerd door New Arts International en ligt vanaf 5 april 2013 in de winkel. Het symbolische eerste exemplaar van ‘Elettra Due’ wordt op 8 april door Louis van Dijk overhandigd aan Cor Bakker. De  uitreiking heeft plaats in het DeLaMar Theater in Amsterdam.

Cor Bakker

Vrije Geluiden met Jaap van Zweden – zondag 24 maart 2013 10:30 Ned. 1


Beste muziekliefhebber,

Jaap van Zweden, conductor of the year 2012, is 50 minuten lang te gast bij Vrije Geluiden.

Hij heeft zijn concertmeesters Alex Kerr en Nathan Olson meegenomen, die ons haarfijn uitleggen dat de integriteit en verbeteringsdrang van Jaap van Zweden sleutel zijn tot het succes van het Dallas Symphony Orchestra. Samen met Melchior luistert Jaap naar het vioolconcert van Max Bruch en naar Pali Lakatosh and his Gipsy Orchestra (twee ogenschijnlijk verschillende werelden) en een gesprek over heden, verleden en toekomst.

Verder ook aandacht voor Alexandre Tansman (1897-1986). Een aantal leden van het orkest vormde een pianokwartet om een bijzondere compositie van deze onbekende Poolse componist uit te voeren.

uitzending: zondag 24 maart 10.30 uur Ned 1
herhaling: zaterdag 30 maart 9.00 uur Ned 1